Albayrak over de multiculturele samenleving

albayrak21.JPG

Door: Wouter Engler

PvdA-kamerlid Nebahat Albayrak vindt de politiek van VVD-kamerlid Ayaan Hirsi Ali niet bevorderlijk voor het debat over de multiculturele samenleving. In een exclusief interview vertelt ze waarom: ‘We moeten discussiëren op basis van argumenten, maar niet op sentimenten.’

Het politieke talent Albayrak maakt sinds 1998 deel uit van een partij die sinds het leiderschap van ex-premier Wim Kok veroordeeld lijkt te zijn tot de oppositiebanken. Na het afzwaaien van Kok verliep het lijsttrekkerschap van diens opvolger Ad Melkert desastreus door de opkomst van het politieke fenomeen Pim Fortuyn. De nieuwe leider Wouter Bos moet daarom de partij een nieuw elan verschaffen.

PvdA-kamerlid Albayrak beschouwt deze periode echter wel als noodzakelijk. ‘Ik heb me zeker verzet in het begin dat met name Rotterdam niet meer wilde geloven haar multiculturele karakter. We hebben als partij in die stad namelijk gewoon geblunderd met het huisvestingsbeleid, waardoor de meeste Rotterdammers de indruk hadden dat er sprake was van een gesegregeerde samenleving.’

‘Daarnaast zie ik het toch wel weer een PvdA-bolwerk worden, maar dat is dan wel met een hele andere PvdA. Lering trekken uit het verleden, dat is belangrijk en noodzakelijk in deze tijden. De politiek van Ayaan Hirsi Ali vind ik buitengewoon polariserend. Het speelt groepen uit elkaar, terwijl dat helemaal niet hoeft. Het moet allemaal wat minder fel. We moeten discussiëren op basis van argumenten, maar niet op sentimenten.’

Wat verstaat u dan onder sentimenten? ‘Ik bedoel met sentimenten dat onderbuikgevoelens meespelen en het alsmaar gooit op allochtonen en de moslims. Ali heeft daar namelijk nogal een handje van de laatste tijd. Evenals Leefbaar Rotterdam en een columnist zoals Paul Cliteur. Het is zeker niet bevorderlijk voor het debat over de multiculturele samenleving, over hoe het nu verder moet met een stad zoals Rotterdam én vanzelfsprekend Nederland.’

‘Ik kan me verder overigens heel goed voorstellen hoe het voor de zogenaamde autochtone ouderen moeilijk is, want ik groeide namelijk ook op in Rotterdam. Ik zag de stad zienderogen veranderen, zoals winkelstraten de Beijerlandselaan en de Groene Hillendijk. De bewoners van die straten waren allemaal autochtonen of ‘wit’, zoals dat weleens wordt genoemd. Dat is nu wel anders.’

Hoe bent u eigenlijk terechtgekomen in Rotterdam? ‘Door mijn daadkrachtige moeder (Zahide). Ze wist namelijk dat haar broers het goed deden in Nederland, want hun Turkse zaakjes draaiden winst. Ze probeerde mijn vader (Osman, red.) te overtuigen, maar dat hielp niet echt. Hij was dan ook niet echt ambitieus. In 1970 probeerde ze wederom mijn vader te overtuigen. Tevergeefs. Ze liet zich niet met een kluitje in het riet sturen.’

‘Ze besloot om naar een wervingsbureau te gaan voor buitenlandse arbeidskrachten, ze vroeg daar eenmaal aangekomen op hese toon ‘Nemen jullie ook vrouwen aan?’ Nou, dat deden de heren van het wervingsbureau, mits zij gezond was van lijf en leden. Een analfabete vrouw in het Turkije van eind jaren zestig die zoiets doet, kan je je zoiets voorstellen? Dat was eigenlijk best wel bijzonder. Ze kreeg na haar medische keuring ook een visum voor Duitsland.

‘Toendertijd maakte mijn vader overuren op de bus, dus hij kwam thuis in de veronderstelling dat er eten op tafel stond, maar zag tot zijn grote verbazing dat mijn moeder bepakt en bezakt bij de deur stond. Triomfantelijk zei ze tegen hem ‘Nou, pas jij maar op de kinderen, want ik ga weg’ Dat was best een beschamende vertoning voor een mediterrane man eind jaren zestig.’

‘Dus feitelijk psychisch gedwongen om mee te gaan naar een Westers land om geld te verdienen, anders was zijn vrouw weggegaan. Uiteindelijk kwamen we niet terecht in Duitsland, maar in het welvarende Nederland. Rotterdam werd ons nieuwe thuis en mijn vader kon al snel werk vinden als steigerbouwer in de Botlek. Hij kreeg van werkgevers de kans om zich te bewijzen, mooi vind ik dat.’

U voelt zich nog steeds verbonden met de havenstad? ‘Ja, ik voel me Rotterdamse in hart en nieren. Ik zie het ook wel weer een PvdA-bolwerk worden, maar dat is dan wel met een hele andere PvdA. Verder wil ik niet dat er politiek wordt bedreven zoals Ali dat doet. Het polariserend en onwenselijk. Want ondanks alle aanwezige verschillen moet er gewoon een dialoog aangegaan worden, simpel.’

albayrak3.JPG

albayrak33.JPG