Thomassen wil standbeeld voor Bassie en Adriaan

bassie_en_adriaan.JPG

Door: Wouter Engler

Het nog te onthullen standbeeld van politicus Abraham Kuyper (1837-1920) heeft tot veel commotie geleid. Volgens dichter Marcel Thomassen is dit terecht en moet er niet een ideologisch standbeeld komen van Kuyper, maar van Bassie en Adriaan in Maassluis.

Vraag een willekeurige Maassluizenaar naar het standbeeld van Kuyper en je krijgt vaak te horen dat het een initiatief is van de ‘knabbel en babbel’ van de plaatselijke politiek. Zo ook de criticaster Thomassen, die eerder met een lange brief het College van B en W op andere gedachten probeerde te brengen. ‘Maar’, zo moet hij toegeven. ‘Dit bleek achteraf gezien vechten tegen de bierkaai.’ En dat zint de dichter met Rotterdamse roots allerminst.

‘Het is ons land ongekend dat er een ideologisch standbeeld wordt neergezet. Waarom? Daarvoor moet je kijken naar de ideologie van deze politicus. Hij was namelijk oprichter van een gereformeerde club die met het gelijk van zijn eigen God, zeggenschap meende te hebben over anderen. Dat is dus het grootste bezwaar, want die ideologie resulteerde in een bepaald handelingsgedrag, wat negatief uitpakte voor iedereen die het niet met hem eens was.’

‘Die Jezus-kerk was een nietsontziende hater van alle stakers, homofielen en vrouwen. Zelfs binnen de Anti-Revolutionaire Partij (ARP) lag hij met bepaalde mensen overhoop. En dat verzin ik niet zelf, maar dat staat uitvoerig geschreven in talloze geschiedenisboeken. De beschuldiging van Kees Smits (ChristenUnie) dat ik zou doen aan geschiedvervalsing is daarom vanzelfsprekend ongegrond. En krijg ik van iedereen adhesiebetuigingen.’

Thomassen vindt het bovendien letterlijk beneden alle peil dat secretaris Leny Wesenhagen van de Stichting Monument Abraham Kuyper in dit artikel heeft gezegd dat ‘je de waarden en normen van deze tijd niet kan vergelijken met die van lang geleden’. Thomassen: ‘Ja, dit is natuurlijk te gek voor woorden. Want dan zou je bij wijze van spreken voor iedereen een standbeeld kunnen oprichten.’

Adolf Hitler bijvoorbeeld, die hield ook van zijn hond, heeft mooie wegen aangelegd en het ziekenfonds ingesteld. Wesenhagen ken ik al lang. Ze is een aardige vrouw, maar dit is toch wel een vreemde redenering van haar.’ Toch is er nog een andere reden waarom Thomassen het standbeeld teveel eer vindt voor wijlen Kuyper. Hij noemt op een gegeven moment de Lintjesaffaire waarmee de politicus in opspraak raakte in 1909.

‘Moet je je voorstellen, een ex-premier die niet meer in de Tweede Kamer mag komen wegens fraude en corruptie. Hij had namelijk oranje-lintjes verkocht aan derden en probeerde met het geld de partijkas te spekken. Zo’n soort man ga je toch niet vereren met een standbeeld in Maassluis? Kan je beter een standbeeld oprichten voor geboren en getogen Maassluizenaars Bassie en Adriaan. Die hebben tenminste nog wat leuks gedaan.’

‘Ik kan dit niet vaak genoeg benadrukken: Kuyper is de uitvinder van de sociale uitsluiting van individuen op basis van godsdienst. De Amerikaanse president George W. Bush, Minister Wouter Bos van Financiën en premier Jan Peter Balkenende zijn nota bene de ideologische erflaters van hem. En vinden het schijnbaar ook heel goed dat Kuyper contacten onderhield met bij wijze van spreken de Neder-Duitse kerk die weer verantwoordelijk was voor de apartheid in Zuid-Afrika.’

Lees hier exclusief de brief van Thomassen aan het College van B&W:

Deel 1 (klik hier!)

Deel 2 (klik hier!)

Deel 3 (klik hier!)

Deel 4 (klik hier!)

Deel 5 (klik hier!)